poWeetjes

  • Ik ben ervan overtuigd dat poëzie vele gezichten heeft.
  • Poëzie schrijven is slopen(d). Als het licht uitgaat, brandt mijn lampje. 

  • Op elke situatie valt wel iets te rijmen, maar dichten is toch iets anders.

  • Vanaf de vierde klas viel ik met meerdere opstellen in de prijzen.
  • Mijn eerste gedichtje 'Wie ben ik' schreef ik op mijn veertiende, op het moment dat ik mijn eerste typmachine testte.

  • Ik schrijf poëzie omdat ik ben blijven steken tussen zeggen en zingen. Ik schrijf soms ritmisch omdat ik niet zoals mijn moeder kan zingen.
  • Mijn grootvader Charles De Clercq uit Oost-Vlaamse Brakel was een volksvriend en -schrijver en -dichter. Zijn autobiografieën werden door studenten onder de loep genomen.
  • Writer's block, het tijdelijke onvermogen iets te schrijven, verlamt me volledig.
  • Schrijvers van alle allooi zijn prettig gestoord, ze leven verstrikt in hun gedachten, ze wonen in hun woorden.

  • Tranen op papier verheffen na droogtijd het blad in spatjes pure poëzie.

  • Mijn uitgangspunt is meestal en blinde vlek, een woord of een situatie waarna ik doorwrocht van bouwstenen dikke gedachten neerplof. Daarna gaat het kladje op een woorddieet tot bijna niets nog overeind blijft.